Uitsluitingen uit de werkloosheid, overbelaste diensten, aanvallen op het personeel: de maat is vol voor de OCMW’s!
De federale regering legt de laatste hand aan haar plan om de werkloosheidsuitkeringen in de tijd te beperken. Vanaf 1 januari 2026 zullen meer dan 32.000 uitgesloten Brusselaars zonder inkomen vallen. Ze hebben geen andere uitweg dan een leefloon aanvragen bij het OCMW.
En dat terwijl de Brusselse OCMW’s al overbelast zijn.
Al jarenlang klagen de vakbonden aan:
de structurele onderfinanciering van de OCMW’s,
geen garanties voor de continuïteit van de subsidies,
de gedeeltelijke terugbetaling van de leeflonen,
de overbelasting en het personeelsgebrek,
de afbrokkeling van de werkomstandigheden en van de kwaliteit van de diensten aan de bevolking.
Deze problemen zijn nog erger geworden als gevolg van enkele recente politieke besluiten, zoals de besparing van 20 miljoen euro op gewestsubsidies eind 2023, waardoor ongeveer 247 eerstelijnsposten verloren zijn gegaan.
Met de komende federale hervorming dreigen de OCMW’s overspoeld te worden, op een moment dat het personeel al onder druk staan, erkenning ontberen en steeds meer uitgeput raken.
Geconfronteerd met deze situatie hebben de Brusselse vakbonden (ACOD/CGSP, ACV/CSC en VSOA/SLFP) een gezamenlijke stakingsaanzegging ingediend voor al het Brusselse OCMW-personeel voor vandaag 24 april.
Tegelijkertijd wordt een mars georganiseerd in Brussel om de uitsluitingen uit de werkloosheid, de besparingen en de afbraak van openbare diensten aan de kaak te stellen.
ABVV-Brussel steunt deze mobilisatie voluit:
de hervormingen van de werkloosheid treffen frontaal mensen die het al moeilijk hebben
door de hervormingen komt de last massaal terecht bij de gemeenten, zonder hen de nodige middelen hiertoe toe te kennen
de werkomstandigheden van het OCMW-personeel, dat het nu al enorm moeilijk heeft, zullen nog meer verslechteren,
de hervorming is een onderdeel van een bredere strategie om sociale rechten en de welvaartsstaat te ontmantelen.
De ABVV-Brussel solidair met de werkneemsters en werknemers van Cora
De aankondiging van de sluiting van de Cora-winkels stort 1800 werkneemsters en werknemers in totale onzekerheid. Na jaren van trouwe dienst, opgelegde flexibiliteit en offers in naam van de winst, worden zij vandaag brutaal aan de kant geschoven.
Deze beslissing, even hard als onrechtvaardig, kadert in een verontrustende tendens: de sociale afbraak in de sector van de grote distributie. Na Makro, Match en Delhaize is het opnieuw de logica van de winst die honderden gezinnen vermorzelt. En het zijn altijd dezelfde mensen die de rekening betalen: de werknemers.
De directie van Cora draagt een zware verantwoordelijkheid, maar staat daar niet alleen in. De asociale maatregelen van de federale regering – de afschaffing van het brugpensioen, de verstrenging van de werkloosheidsreglementering, de toenemende druk op de OCMW’s – laten werknemers zonder vangnet achter in het licht van zulke massaontslagen. Het gevolg: meer onzekerheid, minder vooruitzichten, meer leed.
Het ABVV-Brussel betuigt zijn volledige solidariteit met de collega’s van Cora en brengt hulde aan het engagement van de syndicale afgevaardigden die elke dag opnieuw opkomen voor hun rechten en hun waardigheid.
Wij zullen aan hun zijde staan, in het verzet én aan de onderhandelingstafel. Wij geven geen duimbreed toe.
Overweeg je een 4/5de landingsbaan? Wacht niet langer
Denk je eraan om het iets rustiger aan te doen via een 4/5de landingsbaan? Maak er nu werk van, want de huidige voorwaarden blijven maar geldig tot 30 juni 2025. Daarna wordt het strenger, moeilijker en mogelijk nadeliger voor je pensioen.
De federale regering-De Wever wil de toegang tot landingsbanen flink verstrengen. Een landingsbaan houdt in dat je je werktijd met 1/5de (of 1/2de) verlaagt, en dit tot aan je pensioen. De aanvraag moet schriftelijk gebeuren bij je werkgever én bij de RVA (via Break@Work).
Strengere toegangsvoorwaarden
Nu heb je toegang tot landingsbanen vanaf 60 jaar met 25 jaar beroepsverleden
Er zijn bepaalde uitzonderingen van beroepen die sneller gebruik kunnen maken van een landingsbaan (vanaf 55 jaar):
werknemers met een lange loopbaan
werknemers met een zwaar beroep
werknemers die 20 jaar nachtarbeid hebben verricht
werknemers in de bouwsector met medisch attest van arbeidsongeschiktheid
werknemers in beschutte werkplaats, maatwerkbedrijven …
werknemers in ondernemingen in moeilijkheden of herstructurering
Binnenkort heb je pas toegang vanaf 30 jaar loopbaan (oplopend naar 35 jaar loopbaan in 2030).
Minder pensioenopbouw tijdens landingsbaan
Niet-gewerkte periodes tijdens de landingsbaan worden in de toekomst gelijkgesteld aan een ‘beperkt fictief loon’, wat een lagere pensioenopbouw betekent voor wie meer dan €32.122,36 per jaar verdient.
Niet-gewerkte periodes, o.a. in het kader van een landingsbaan, worden vanaf 2031 begrensd tot maximaal 20% van de pensioenopbouw. Die ‘cap’ wordt vanaf 2027 geleidelijk ingevoerd.
Samengevat: je zal langer moeten werken voor je recht hebt op een landingsbaan, én het kan een pensioenverlies betekenen.
Wacht niet tot het laatste moment
Voor bedrijven met meer dan 20 werknemers moet je je aanvraag ten laatste op 31 maart 2025 indienen om zeker te zijn van een correcte behandeling. Werk je in een kleinere onderneming? Dan ben je eigenlijk al te laat volgens de standaardtermijn, maar je werkgever kan alsnog instemmen met een kortere procedure.
Belangrijk: we roepen, omwille van de mogelijke ingrepen in de gelijkgestelde periodes, momenteel niet op om een 1/2 landingsbaan op te nemen.
Omdat de federale regering de bevolking in de maling neemt. Onze koopkracht ging stijgen en loopbanen gingen haalbaar worden? Hier komt echter niks van in huis.
Op 31 maart gaan de Belgische werknemers in algemene staking; zowel in de privé- als de openbare sector. Het is tijd dat de werknemers gehoord worden en dat de economische lusten en lasten eerlijk verdeeld worden.
De aanvallen op werknemers zijn talrijk en keihard:
De regering-BDW-Bouchez snijdt in de pensioenen. Het wordt langer werken voor minder pensioen.
Voor werknemers is het al flexibiliteit dat de klok slaat en de regering doet er een schepje bovenop. De werkgevers zitten in een zetel en rekenen zich al rijk.
Er wordt bespaard op gepensioneerden, werkzoekenden en in de openbare diensten. De zwaarste schouders zouden de zwaarste lasten moeten dragen. Daar is met deze regering geen sprake van.
Vrouwen staan weer in de vuurlijn: het besparingsbeleid treft hen extra hard.
Ze hebben gelogen. Onze koopkracht ging stijgen, maar brokkelt in werkelijkheid langs alle kanten af.
Het zijn nochtans de werknemers die het land en de economie doen draaien. Het is tijd dat hun stem gehoord wordt en dat zij hun eerlijk deel krijgen.
Staak mee op 31 maart: voor degelijke pensioenen en haalbare loopbanen, voor sterkere koopkracht, voor kwalitatieve openbare diensten en opdat de sterkste schouders eindelijk de zwaarste lasten dragen.
Regeerakkoord doorgelicht
Wat is de impact van het regeerakkoord-BDW-Bouchez voor:
Je krijgt van je vakbond een stakingsvergoeding van 40 euro
Water in Brussel: een bedreigde openbare dienst
Water is een essentiëel gemeenschappelijk goed, maar in Brussel staat het beheer ervan onder druk. VIVAQUA, de openbare operator die instaat voor drinkwater en rioleringen, kampt met een kritische onderfinanciering: een schuld van meer dan één miljard euro, stijgende tarieven (+43% sinds 2022) en dalende investeringen. Gevolg: een verouderd netwerk, een explosie van onbetaalde facturen en meer dan één op de vijf huishoudens in waterarmoede.
Deze actualiteitsfiche ontleedt de oorzaken van deze crisis en stelt pistes voor naar een eerlijkere en duurzamere financiering van water in Brussel. In plaats van de kosten uitsluitend op de gezinnen af te wentelen, zijn er alternatieven om deze essentiële openbare dienst te beschermen.
Alles wat je moet weten over stakingsrecht: de praktische gids van het ABVV
Stakingen, piketten, collectieve acties… Het stakingsrecht is een fundamenteel recht, beschermd in België en internationaal. Maar concreet, wat mag je doen? Wat zijn de grenzen? Hoe zit het met de relaties met de werkgever, de politie, de deurwaarder?
Om al deze vragen te beantwoorden, stelt het ABVV een praktische gids ter beschikking die 30 essentiële vragen en antwoorden over het stakingsrecht behandelt:
Wie mag staken?
Hoe organiseer je een stakingspiket?
Wat te doen bij controle of intimidatie?
Welke stappen bij problemen?
Een duidelijke, toegankelijke en onmisbare tool voor iedereen die in actie komt.
Beknopte analyse van regeerakkoord-BDW-Bouchez door het ABVV
Het regeerakkoord-De Wever is een koude douche voor wie werkt, voor wie van een uitkering leeft en bovenal voor vrouwen. De sterkste schouders blijven daarentegen netjes uit de wind. Hieronder een analyse in vogelvlucht.
Aanpak langdurig zieken
Het regeerakkoord-De Wever plant een harde aanpak van langdurig zieken. Mensen zonder arbeidscontract maar met “arbeidspotentieel” worden verplicht zich in te schrijven als werkzoekende, en de sancties worden opnieuw strenger. Dit beleid lijkt vooral gericht op besparingen en het snel terugsturen van zieken naar de arbeidsmarkt, zonder rekening te houden met hun gezondheidstoestand en noden.
De achterliggende visie van de rechterzijde is gekend: langdurig zieken worden gezien als een kost en niet als mensen die tijd en zorg nodig hebben om te herstellen. Nochtans zijn velen ziek geworden door slechte werkomstandigheden, hoge werkdruk of burn-out. Hen dwingen om te werken zonder duurzame re-integratie zal hun situatie alleen maar verergeren.
Buitenlands beleid
Hierover blijft het regeerakkoord vrij vaag. In het oog springt de besparing van 25 procent op het budget van ontwikkelingssamenwerking.
Het regeerakkoord van de regering-De Wever heeft een sterk eenzijdige economische visie op Europa, waarbij de nadruk bijna volledig ligt op competitiviteit, productiviteit en deregulering ten gunste van bedrijven. Sociale aspecten worden nauwelijks geconcretiseerd. Dit is een gemiste kans om van de EU niet alleen een sterke, maar ook een sociaal rechtvaardige Unie te maken.
Koopkracht
De koopkracht van wie werkt zou moeten stijgen door de verhoging van de belastingvrije som en door hogere minimumlonen. Dat zijn positieve elementen, maar omdat de verhoging van de belastingvrije som voor iedereen geldt, is dit een zeer dure maatregel die ook hoge lonen ten goede komt.
De regering-De Wever houdt vast aan de loonnormwet van 1996, waardoor vakbonden voor werknemers geen betere lonen kunnen onderhandelen. Dit betekent dat lonen kunstmatig laag worden gehouden, zelfs in sectoren waar er economische ruimte is voor opslag.
De automatische indexering van lonen en uitkering zou op termijn in vraag gesteld worden. Als de sociale gesprekspartners er niet in slagen om tegen eind 2026 een advies uit te werken over een hervorming van de index, kan de regering eenzijdig ingrijpen en het systeem afbouwen.
Sterkste schouders, zwaarste lasten
Van het principe “de breedste schouders dragen de zwaarste lasten” is in het regeerakkoord van de regering-De Wever geen sprake. Vooral werknemers en uitkeringsgerechtigden staan in het oog van de storm, terwijl bedrijven en grote vermogens grotendeels gespaard blijven.
Op werknemers en uitkeringsgerechtigden wordt voor maar liefst 8,7 miljard euro bespaard. Beroepsactieven krijgen er iets bij via een fiscale hervorming van 3,5 miljard euro, maar dit geldt niet voor gepensioneerden, werkzoekenden en langdurig zieken. De meest kwetsbaren krijgen de volle lading.
Tegelijkertijd krijgen bedrijven 1,72 miljard euro bijkomende steun, zonder dat daar garanties voor jobcreatie tegenover staan. Grote vermogens betalen slechts 1,42 miljard euro en fraudeurs krijgen amnestie om hun zwart geld wit te wassen; terwijl 2,3 miljard euro wordt bespaard op werkzoekenden.
Tot zo ver de eerlijke verdeling van de lasten.
Arbeidsmarkt
Het arbeidsmarktbeleid van de regering-De Wever legt de nadruk op meer flexibiliteit en harder werken voor werknemers, zonder dat daar voldoende sociale bescherming of overleg tegenover staat. Dit regeerakkoord lijkt rechtstreeks uit de programma’s van MR en N-VA te komen, met eenzijdige maatregelen die vooral werkgevers bevoordelen en werknemers kwetsbaarder maken.
De maatregelen duwen werknemers richting langere en onzekerdere werkuren, waardoor de druk op de ziekteverzekering verder zal toenemen. Sociale akkoorden worden zonder overleg gewijzigd en uitgehold, waardoor vakbonden minder mogelijkheden hebben om afspraken te maken of compensaties te eisen. Meer nadruk op individuele onderhandelingen tussen werknemer en werkgever verzwakt de positie van werknemers. Dit druist in tegen recente rechtspraak van het Europees Hof van Justitie, dat erkent dat werknemers de zwakkere partij zijn in arbeidsverhoudingen.
Beperking werkloosheidsuitkering in de tijd
De regering-De Wever kondigt aan de werkloosheidsuitkeringen te beperken tot twee jaar. Dit betekent dat meer dan 120.000 mensen het lopen hun uitkering te verliezen. Deze mensen gaan niet automatisch werk vinden. Deze rechtse symboolmaatregel leidt enkel tot meer onzekerheid en een hoger armoederisico. Bovendien wordt de uitkering sneller afgebouwd (degressiviteit).
De regering presenteert dit als een noodzakelijke besparing, maar er worden geen structurele oplossingen geboden om mensen duurzaam aan werk te helpen. In plaats van te investeren in jobcreatie, opleiding en begeleiding, worden werkzoekenden vooral financieel bestraft.
Klimaat, energie en mobiliteit
Het is positief dat klimaatdoelstellingen behouden blijven. De regering stelt de Europese klimaatdoelen voor 2030 en 2050 niet in vraag en erkent de noodzaak van een duurzame transitie.
De negatieve elementen zijn:
Geen duidelijke doelstelling in CO₂-reductie;
Weinig concrete maatregelen en geen plan voor een rechtvaardige transitie of werknemersinspraak;
Eenzijdige focus op technologie als oplossing, zonder sociaal overleg of aandacht voor werknemers;
Geen bescherming van werknemers tegen klimaateffecten;
Enzovoort.
Het energiebeleid van de regering-BDW-Bouchez legt te veel nadruk op kernenergie en marktwerking, terwijl structurele oplossingen voor energiearmoede en publieke controle over energie ontbreken. Consumenten krijgen enkele beschermende maatregelen, maar bedrijven worden bevoordeeld zonder sociale voorwaarden.
Het mobiliteitsbeleid zoals het wordt aangekondigd in het regeerakkoord combineert enkele positieve stappen voor het openbaar vervoer, maar legt de nadruk op privatisering, hogere kosten voor reizigers en onzekerheid voor spoorpersoneel. Werknemers en lage inkomens dreigen de dupe te worden, terwijl dure infrastructuurprojecten en fossiele salariswagens bevoordeeld worden.
Pensioenen
De pensioenplannen van de regering-De Wever treffen werknemers en ambtenaren hard en zorgen voor meer onzekerheid, vooral voor vrouwen en mensen met een atypische loopbaan. Het komt neer op langer werken voor minder pensioen, met besparingen die vooral de zwaksten treffen.
Vrouwen en ambtenaren worden het hardst getroffen, terwijl zelfstandigen en hogere inkomens grotendeels worden gespaard. Het is een pure besparingsoperatie, terwijl de pensioenen in ons land al bij de laagste zijn in heel Europa.
Vrouwen in de vuurlijn
Als gevolg van de toegenomen flexibilisering en de gelijktijdige vermindering van beschermings- en controlemechanismen voor deeltijds werk, lopen vrouwen op de arbeidsmarkt een nóg groter risico op uitsluiting, ongelijke behandeling en discriminatie.
Bijvoorbeeld:
Verbod op nachtwerk wordt afgeschaft. De distributiesector is een overwegend vrouwelijke sector;
Afschaffing verplichte sluitingsdag, waardoor de werkdruk verder toeneemt, terwijl vrouwen nu al oververtegenwoordigd zijn bij langdurig zieken;
Veralgemenen van flexi-jobs naar alle sectoren riskeert een grote impact te hebben in sectoren als de zorg, het onderwijs, de kinderopvang;
De loopbaanvoorwaarde voor het recht op landingsbanen wordt opgetrokken van 25 naar 35 jaar, waar veel vrouwen nooit aan geraken;
De toegang tot het minimumpensioen zal worden berekend op basis van de effectieve prestaties. We weten dat vrouwen hier de dupe van zijn;
Afschaffing van het overlevingspensioen en het echtscheidingspensioen;
Enzovoort.
De hervorming van de wet die abortus decriminaliseert, belandt bovendien terug in de frigo.
Armoedebestrijding
In plaats van armoede structureel aan te pakken, kiest de regering-De Wever voor een harde en controlerende aanpak die de zwaksten in de samenleving nog verder in de problemen duwt. De focus ligt niet op ondersteuning, maar op dwang en sancties.
De 8 meicoalitie stelt een motie voor aan de Brusselse gemeenten om extreemrechts en haatspraak tegen te gaan
De 8 meicoalitie stelt de stemming voor van een motie die de Brusselse gemeenten ertoe aanzet de herdenkingsplicht na te komen en de heropleving van extreemrechts te bestrijden.
De coalitie, die bestaat uit vakbonden en middenveldorganisaties, geeft hiermee een nieuwe impuls aan de herdenking van 8 mei, de 80e verjaardag van de overwinning op het fascisme, een krachtig symbool van verzet en solidariteit.
Dit zijn de grote lijnen van de voorgestelde motie:
Strijd tegen haatspraak : alle wettelijke middelen aanwenden om de organisatie van evenementen en de verspreiding van verklaringen die aanzetten tot haat jegens anderen, te voorkomen.
Mediatiek cordon sanitaire: dit principe toepassen op extreemrechtse partijen en extreemrechts discours, in dit geval op lokale communicatiekanalen.
Steun aan burgerinitiatieven: de acties van de 8 meicoalitie en het maatschappelijk middenveld onderschrijven die de herdenkingsplicht bevorderen en de herinnering aan het verzet tegen het fascisme bewaren.
8 mei als feestdag: eisen dat 8 mei weer een nationale feestdag wordt om de symboliek van deze historische datum te versterken.
De jeugd betrekken : jongeren wijzen op de gevaren van extreemrechts en hen de migratiegeschiedenis bijbrengen door middel van educatieve initiatieven op scholen.
Met deze motie geeft de 8 meicoalitie alle gemeenten een effectief instrument in handen om extremisme tegen te gaan en de herinnering aan de strijd die onze ouderen hebben geleverd levend te houden.
De voorgestelde motie (in het frans)
Brief aan de gemeenten (in het frans)
Open brief aan de brusselse informateurs: Brussel moet blijven bruisen!
“Bruxelles bruxellait” zong Jacques Brel meer dan een halve eeuw geleden. Vandaag de dag is de hoofdstad nog steeds mooi, vrolijk en bruisend. Maar hoe lang nog? Het gewest zit in ademnood, verlamd door een eindeloze politieke impasse, toenemend drugsgeweld en een zorgwekkende verarming. Als sociale partners – werkgevers en werknemers samen – hebben we vorige week de noodklok geluid. De politieke impasse bedreigt niet alleen de stabiliteit en de sociaaleconomische ontwikkeling van de hoofdstad, maar legt ook een hypotheek op de toekomst. Brussel kan niet langer blijven stilstaan.
Daarom willen wij – CEO en Algemeen Secretaris van BECI en Voorzitter en Algemeen Secretaris van ABVV-Brussel – de informateurs interpelleren over de belangrijkste uitdagingen waar Brussel voor staat en de oplossingen die wij gezamenlijk voorstellen opdat Brussel zou blijven bruisen.
Een vreedzame omgeving voor bewoners, werknemers en bedrijven
Gezellige handelsbuurten die ooit zo bruisend waren, lijden onder drugstrafiek en bendes.
Deze veiligheidssituatie heeft ernstige gevolgen: voor bedrijven en overheidsdiensten, die de stijgende veiligheidskosten moeten dragen; voor werknemers, toeristen en pendelaars, die zich niet meer veilig voelen als ze onderweg zijn; en vooral voor de bewoners van deze wijken, die er dagelijks onder lijden; en tot slot voor alle Brusselaars, wier levenskwaliteit bedreigd is.
Wij, de sociale partners, zeggen het al lang: als Brussel geen veilige omgeving kan bieden, vluchten werknemers en bewoners weg. Een gewest waar mensen bang zijn om de metro te nemen of laat thuis te komen, is nefast voor zijn sociaaleconomische dynamiek en welvaart.
De federale regering heeft een taskforce aangekondigd. Maar zonder echte coördinatie met de Brusselse uitvoerende macht riskeert dit initiatief puur politiek te blijven: een pleister op een houten been.
Maar een optimaal veiligheidsbeleid volstaat niet om tot een vreedzame omgeving te komen. Alle spelers in het gewest – politici, werkgeversvertegenwoordigers en werknemersvertegenwoordigers – moeten ook tot een beter gezamenlijk overleg komen. Daarom pleiten we voor een nieuw sociaaleconomisch akkoord tussen de drie partijen, waarin de gedeelde prioriteiten van de sociale partners vertegenwoordigd in Brupartners worden opgenomen.
We willen ook samenwerken met alle publieke en private actoren om de industrie in Brussel nieuw leven in te blazen, via een beleid dat meer ruimte geeft aan industriële activiteiten en met een aangepast mobiliteits- en logistiek beleid. Een industrie die verbonden is met de stad en haar inwoners, die sociale vooruitgang combineert met respect voor het milieu.
We moeten ook de Shifting Economy-strategie verderzetten, om massaler te investeren in de klimaattransitie en bedrijven te stimuleren die een positieve sociale en milieu-impact hebben, terwijl we het beleid ter ondersteuning van onderzoek en innovatie verder ontwikkelen ten gunste van de bedrijven, de werknemers en de Brusselaars.
In het licht van de door de federale regering aangekondigde maatregelen inzake werkloosheid en langdurige ziekte, moeten we ook het werkgelegenheids- en opleidingsbeleid herzien om de toegang tot werk voor alle Brusselaars te verbeteren en om wie jammer genoeg zijn baan verliest sneller en doeltreffender te ondersteunen. Er moet ook bijzonder aandacht gaan naar de fundamentele problematieken van discriminatie en diversiteit op de arbeidsmarkt, de strijd tegen zwartwerk en sociale dumping, willen we de Brusselaars alle kansen bieden om een kwaliteitsjob te vinden.
Op het vlak van huisvesting moet Brussel, naast het evalueren en bestendigen van de Renolution-strategie, een renovatie- en bouwbeleid voeren zodat alle inwoners kunnen genieten van degelijke, kwaliteitsvolle huisvesting tegen een betaalbare prijs. Daartoe moeten onder meer de vergunningsprocedures worden versneld en vereenvoudigd.
De begroting
Brussel verkeert ook financieel in zwaar weer. De gewestschuld blijft groeien, Belfius verlaagt drastisch zijn kredietlijn en de ratingbureaus houden de situatie nauwlettend in de gaten. Zonder stabiele regering en zonder strategische visie zullen de leenkosten waarschijnlijk de pan uit rijzen. Met welke gevolgen? Minder investeringen en blinde besparingen op sociaal en economisch vlak.
Deze malaise heeft niet alleen gevolgen voor de overheidsfinanciën en de overheidsdiensten, maar ook voor de bedrijven die het gewest draaiende houden. Werkgevers zien het kapitaal opdrogen dat ze nodig hebben om te groeien, terwijl werknemers lijden onder een klimaat van onzekerheid dat hun banen en inkomen ondermijnt.
De noodzakelijke sociale beleidsmaatregelen en diensten voor de inwoners van Brussel kunnen niet meer gegarandeerd worden. We moeten dus dringend voorzien in de nodige financiële middelen voor de sociaaleconomische ontwikkeling van het gewest, door zowel aan de uitgaven- als aan de ontvangstenzijde te werken, met behoud van de economische dynamiek en het sociaal beleid.
Werken aan de attractiviteit
Brussel moet zijn titel van Europese hoofdstad waarmaken: multicultureel, dynamisch, levendig, innovatief en veilig. Het Gewest heeft een regering nodig die haar lot weer in eigen handen neemt, en waar bewoners, ondernemers, toeristen en werknemers zich in alle vertrouwen verplaatsen.
Als er niet snel actie wordt ondernomen, oogt de toekomst van Brussel somber. Dit is niet alleen een bedreiging voor de bedrijven, die moeite zullen hebben om de werknemers en de investeringen aan te trekken die ze nodig hebben om te groeien, maar ook voor de werknemers en inwoners van Brussel, die behoefte hebben aan solide vooruitzichten in een omgeving waar het goed wonen en werken is.
Brussel moet blijven bruisen – gisteren, vandaag en nog lang na morgen!
Schrapping van de welvaartsenveloppe: de meest kwetsbare Belgen worden het meest getroffen!
Het zijn opnieuw de gepensioneerden, de zieken en de werklozen die de hoogste prijs betalen voor de besparingsmaatregelen van de Arizona-coalitie: de regering-De Wever heeft beslist om de welvaartsenveloppe af te schaffen.
Dankzij dit budget, dat om de twee jaar wordt geëvalueerd door de sociale partners, konden de laagste en oudste pensioenen, de inkomensgarantie voor ouderen (IGO) en de minimumuitkeringen bij ziekte, arbeidsongevallen en werkloosheid worden aangepast.
In de komende periode moest er 1 miljard euro naar deze maatregelen gaan, waarvan het grootste deel bestemd was voor de laagste pensioenen.
Voor honderdduizenden mensen met een inkomen dichtbij of onder de armoedegrens betekent deze enveloppe een essentiële steun. Maar om een begrotingstekort te compenseren, heeft de Arizona-coalitie ervoor gekozen om deze enveloppe volledig te schrappen, wat een besparing van 2,8 miljard euro op een periode van twee jaar oplevert.
Dit is de zoveelste asociale maatregel die bevestigt dat we moeten blijven mobiliseren om de regering te dwingen van koers te veranderen ✊