21 januari 2021

Kilometerheffing De plannen van de Brusselse regering zijn onaanvaardbaar voor ABVV-Brussel

In december laatstleden heeft de Brusselse regering de plannen voor een slimme kilometerheffing onder de naam “SmartMove” goedgekeurd. Om allerlei redenen (geen sociaal overleg, kosten voor de werknemers, ongelijkheid tussen de werknemers, geen begeleidende maatregelen, coronacrisis….) zijn deze plannen in hun huidige vorm helaas onaanvaardbaar voor ABVV-Brussel.

 

Natuurlijk ziet ABVV-Brussel de noodzaak in van nieuwe maatregelen die de mobiliteit in en naar het Brussels Gewest verbeteren. Een betere mobiliteit komt immers ten goede aan alle werknemers, de economie, de levenskwaliteit en de gezondheid van iedereen die woont en werkt in onze hoofdstad. Vandaar dat wij eveneens voorstander zijn van het principe dat het gebruik van de wagen  belast eerder dan het bezit ervan zoals nu het geval is.

 

Maar al gaan de plannen van de Brusselse regering uit van dit principe, in hun huidige vorm roepen ze te veel problemen en vragen op.

Vooreerst willen we benadrukken dat ondanks aandringen deze plannen tot stand kwamen zonder voorafgaand overleg, niet met de Brusselse sociale partners en ook niet met de andere gewesten. En dat terwijl deze plannen grote gevolgen hebben op sociaal en economisch niveau, zeker voor de werknemers die wij vertegenwoordigen. Wij betreuren het gebrek aan wil van de andere gewesten om te overleggen over mobiliteitsproblemen in Brussel. Desondanks vragen wij ons af of een krachttoer van de Brusselse regering de beste manier is om deze broodnodige coördinatie te verkrijgen.

Ons fundamenteel bezwaar is dat deze belasting grotendeels ten laste valt van de werknemers, wat de onderlinge ongelijkheid doet toenemen. De regering voorziet immers om deze nieuwe belasting te compenseren door andere belastingen af te schaffen, meer bepaald de verkeersbelasting en de belasting op inverkeerstelling. Nochtans zal de afschaffing van deze Brusselse belastingen  niet in alle gevallen de bijkomende kosten ervan voor de Brusselaars kunnen compenseren. Anderzijds zijn de kosten van deze nieuwe belasting volledig voor rekening van wie in een andere gewest woont. Deze werknemers komen echter elke dag naar Brussel om er te werken waar ze bijdragen aan de economische ontwikkeling van het gewest wat meer dan wenselijk is in de huidige context van corona en telewerk. We merken eveneens op dat deze nieuwe belasting geen rekening houdt met de inkomensverschillen tussen en de fiscale draagkracht van de werknemers. Op basis van onze simulaties ramen wij dat de brutokosten van de belasting voor de werknemers (zonder afschaffing van de huidige belastingen) kunnen variëren tussen €180 en €2000 per jaar naargelang het vermogen van hun auto en het tijdstip waarop ze zich verplaatsen.

 

De situatie is nog verwarrender voor de bedrijfswagens die geregistreerd zijn in Brussel. In dat geval geniet de werkgever van de afschaffing van de verkeersbelastingen terwijl de werknemer (al dan niet inwoner in Brussel) de kilometerheffing moet betalen.

 

Als vakbond eisen wij dat de werkgever deze belasting voor het woon-werkverkeer betaalt. Dit zal echter in de eerste plaats leiden tot een verschil in loonkosten tussen de werknemers naargelang hun woonplaats. Dit is een tot elke prijs te vermijden situatie die zal leiden tot ongelijke behandeling en zelfs discriminatie. Bovendien zal de eventuele tussenkomst van de werkgever in deze beroepsverplaatsingen niet voor alle werknemers dezelfde zijn. Wij vrezen dat  reeds kwetsbare werknemers de eerste slachtoffers zijn van deze nieuwe ongelijke behandeling.

 

Voorbeelden hiervan zijn werknemers die niet gemakkelijk van vervoermiddel kunnen veranderen, werknemers met onderbroken uurroosters, personen met beperkte mobiliteit, gezinnen met kinderen aan wie het openbaar vervoer niet is aangepast, werknemers die naar verschillende werkplekken moeten reizen of een werkplek die niet gemakkelijk bereikbaar is met het openbaar vervoer of zachte mobiliteit, enz.

 

Voor ons is de afwezigheid van begeleidende maatregelen eveneens zeer problematisch. Afgezien van deze nieuwe belasting heeft de Brusselse regering niets ondernomen opdat de werknemers echt kunnen kiezen voor alternatieve vervoerswijzen. Het kan niet om op die manier een dwangmaatregel te treffen die de werknemers hard raakt zonder hen alternatieven te bieden.

 

Verder wijzen wij op de digitale kloof die riskeert te ontstaan omdat deze nieuwe maatregel een mobiele applicatie op smartphone vereist. De privacy moet ook worden gegarandeerd, aangezien de app de reisgegevens in real time doorstuurt naar de Brusselse belastingdienst.

 

Tot slot merkt ABVV-Brussel op dat de maatregel niet alleen schadelijke gevolgen heeft voor veel werknemers, maar ook aanzienlijke risico’s met zich meebrengt op vlak van jobverlies en delokalisatie. Het is dan ook moeilijk te begrijpen waarom deze maatregel al in 2022 moet worden uitgevoerd zonder rekening te houden met de risico’s en bovendien in de huidige context die onze economie, en zeker de lokale economie, in ons gewest enorm schaadt. In de eerste plaats moet rekening worden gehouden met de gevolgen van deze crisis op middellange en lange termijn op het sociale en economische weefsel van Brussel.

 

Om al deze redenen kan ABVV-Brussel de plannen van de Brusselse regering zoals ze er nu voorliggen niet aanvaarden. We zullen dit ook op tafel leggen in het overleg dat de regering eindelijk heeft opgestart.